Voorbeeldpagina's theorieboek 2 havo van Management & Organisatie in Balans, 7e editie.

c Ook om het resultaat te bepalen, nemen we alle bedragen exclusief omzetbelasting. De om- zetbelasting heeft namelijk geen invloed op het resultaat van de onderneming. Omzet € 1.149.000 Inkoopwaarde omzet € 919.200

Interne verslaggeving Hoofdstuk 26

Brutowinst Brutolonen

229.800

270.000 54.000 30.000 60.000

Sociale lasten

Vakantie-uitkeringen

€ 72.600 = €

Diverse kosten Interestkosten

100/121

8.000

Totale kosten

422.000

Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening

–/– € 192.200

We hebben gezien dat het saldo van de winst-en-verliesrekening gelijk moet zijn aan het winst- saldo (of winst na belasting plus vennootschapsbelasting) op de balans. Door een liquiditeitsbe- groting samen te stellen, kunnen we ook een toekomstige balans en een toekomstige winst-en- verliesrekening maken. Dat laten we zien in de volgende paragraaf. Voorraadgrootheden en stroomgrootheden Een balans is een overzicht van de bezittingen (kapitaalgoederen), eigen vermogen en vreemd vermogen (schulden) op een bepaald moment. Een balans is dus een momentopname. Een winst- en-verliesrekening is een overzicht van de kosten en de opbrengsten over een bepaalde periode. Dit geldt ook voor de bedragen op een liquiditeitsbegroting. Grootheden die de situatie weergeven op een bepaald moment, noemen we voorraadgrootheden . Omdat op een balans uitsluitend posten/rekeningen voorkomen die de situatie op een bepaald moment weergeven, zijn balansposten dus voorraadgrootheden. Grootheden die betrekking hebben op een bepaalde periode, noemen we stroomgrootheden . De posten op een winst-en-verliesrekening zijn stroomgrootheden omdat ze altijd betrekking heb- ben op een bepaalde periode. We spreken over de omzet over 2014, over de interestkosten over december, over de winst-en-verliesrekening over het afgelopen jaar. Ook de bedragen op een liquiditeitsbegroting zijn stroomgrootheden. Bijvoorbeeld de uitgaven voor inkopen over 2014 en de ontvangsten van debiteuren over 2014.

Voorraad- grootheden

Stroom- grootheden

Een voorraadgrootheid tel je op een bepaald moment.

Een stroomgrootheid meet over een bepaalde periode: nieuwe stand – oude stand = verbruik.

Maak de opgaven 26.7 t/m 26.13

CE

Management & Organisatie in Balans

31

Made with